Honderdjarige club
De Keppelse Golfclub behoort tot de oudste golfverenigingen in Nederland. Om precies te zijn is ze de achtste in leeftijd. Opgericht in 1926 in Hummelo door notabelen onder de naam Golfclub Enghuizen, later van naam gewijzigd in Keppelse Golfclub. Bij de viering van het 100-jarig bestaan op 23 januari 2026 is een nieuw jubileumboek verschenen.
Het beschrijft in 256 pagina’s met veel beeld de historie van een kleine club, die heel lang klein is gebleven. Ze stond te boek als de “kabouterclub” binnen de Nederlandse golfwereld. In deze eeuw is ze uitgegroeid tot een volwaardige vereniging met 850 leden en een uitdagende 18 holes-golfbaan.
Kenmerk van de club is de grote betrokkenheid en zelfwerkzaamheid van de leden. De vereniging met de vele vrijwilligers vat dat samen onder het begrip ‘Keppelgevoel’. Verschillende aspecten komen uitgebreid in het boek aan de orde zoals het clubleven, de wedstrijden, de natuur, de buurt en de landgoederen, waarmee de club verbonden is.
Jubileumboek bestellen?
Het boek is het doorbladeren en lezen meer dan waard. Het is te koop en af te halen voor 25 euro in het clubhuis van de vereniging. Bestellen en toesturen kan ook via secretariaat@keppelse.nl. Dan komen er verzendkosten bij de aanschafprijs.
In het boek zijn enkele QR-codes opgenomen met extra informatie, zoals overzichten van besturen, clubkampioenen en een bloemlezing uit clubbladen. Die QR-codes zijn alleen voor leden bruikbaar.
Historie en verantwoording
Een korte geschiedenis van de club is hieronder weergegeven. Daaronder is in een verantwoording opgenomen van de gebruikte bronnen en illustraties in het nieuwe jubileumboek.
Korte geschiedenis van de Keppelse Golfclub

De geschiedenis van wat wij nu kennen als de ‘Keppelse Golfclub’ begint op 23 januari 1926, als de club officieel wordt opgericht. Er bestonden ten tijde van de oprichting van onze club nog maar zeven andere golfclubs in Nederland, zodat de club in leeftijd de achtste in ons land is. De eerste vijfentwintig jaar van haar bestaan heette de club echter ‘Golfclub Enghuizen’, omdat er in eerste instantie gespeeld werd op een terrein achter het (nu verdwenen) kasteel Enghuizen in Hummelo. In 1951 is de naam veranderd in ‘Keppelse’, omdat er al sinds 1931 gespeeld werd op grond van het kasteel Keppel en de verhuurster, barones Van Pallandt van Keppel, dat graag in de naam van de club terug wilde zien.
Die officiële oprichtingsdatum is overigens pas een jaar of dertig bekend. Volgens overlevering is de vroeger gebruikte oprichtingsdatum – 15 september 1926 – indertijd op zeer praktische gronden gekozen.
Oprichting
In januari 1926 werd er door zeven notabelen een circulaire rondgezonden, waarin belangstelling gepeild werd voor een golfclub in de Achterhoek. Tot de initiatiefnemers behoorden mr. J.P. Coops (1875-1957), indertijd president-directeur van de GTW, en de zeer sportieve R. J. C. (Rein) baron van Pallandt van Keppel (1888-1938), sinds 1924 bewoner van het kasteel te Keppel. De reactie was dermate positief dat er nog diezelfde maand inderdaad een golfclub opgericht werd, onder de naam ‘Golfclub Enghuizen’. Eerste voorzitter werd mevrouw M.C. gravin van Rechteren Limpurg, geboren baronesse Van Heeckeren van Enghuizen, hetgeen in die tijd in Nederland vrijwel zeker een unicum betekende. Het feit dat men op haar gronden de eerste golfbaan zou aanleggen zal aan die eervolle benoeming niet vreemd zijn geweest. Mr. Coops werd secretaris en ook dr. J.H. van Heek (van Huis Bergh te ’s Heerenbergh) werd bestuurslid. Er werd al snel een baantje aangelegd vlak achter de Oranjerie van het kasteel Enghuizen, ontworpen door de toen zeer bekende golfer Gerry del Court van Krimpen, zwager van Rein van Pallandt.

Korte tijd later werden de eerste wedstrijden georganiseerd, waarvoor mevrouw Van Pallandt de eerste beker ter beschikking stelde. Het spelen op dat terrein leverde echter de nodige moeilijkheden op, daar het eigenlijk gewone weilanden waren, waarop ook koeien graasden, terwijl de greens door prikkeldraad afgezet waren. Voor het geven van les kwam van tijd tot tijd de pro van de Domburgse, de Engelsman John Hill, naar Hummelo.
In 1931 kon verhuisd worden naar een terrein aan de Oude Zutphenseweg, dat nu nog deel van de baan uitmaakt. Daar liggen nu hole 15 en voorts gedeelten van de holes 14 en 16 (tot de bocht). Op het terrein werden door de heren Coops en Westerbeek van Eerten negen tees met zes of zeven holes aangelegd. Daardoor waren er maar liefst dertig kruisingen in de baan. Het verbaast dan ook niet dat de baan in een Australisch golfblad “the most dangerous course in the world” werd genoemd. Erg was dit allemaal niet, daar het aantal leden in 1936 nog maar 33 bedroeg.
Er kwam ook een ‘aardig, eenvoudig clubhuis’, onder de kastanjebomen, daar waar nu nog het oude, buiten gebruik gestelde clubhuis staat. Het onderhoud van de baan werd voornamelijk in eigen beheer uitgevoerd. Regelmatig werden er wedstrijden gehouden. In die eerste periode werd Willem Tenkink elf maal clubkampioen.

Een moeilijke periode (tot ca. 1968)
De vijftiger en zestiger jaren zijn voor de Keppelse Golfclub heel moeilijk geweest. Met een zeer beperkt aantal leden, een knutselbaantje, heel weinig geld en veel zelfwerkzaamheid en inventiviteit werd de club overeind gehouden. Vooral de jaren 1955-1968 moeten in dat opzicht lastig geweest zijn; meerdere malen is het voortbestaan van de club in gevaar geweest. Hoofdpersonen in die tijd waren: ir. H(arry) Ernst Deleth als voorzitter en mr. K(arel) L.F. Kerssemakers (notaris te Didam) als secretaris. Mevrouw Ernst Deleth fungeerde vanaf 1956 als penningmeester. Tekenend is de zinsnede waarmee jaarverslagen uit die periode nog al eens eindigen: “Het belangrijkste feit van het jaar was dat de K.G.C. bleef voortbestaan”.
Het ledenaantal bleef al die jaren beperkt tot ongeveer twintig, die overigens wel regelmatig wedstrijden speelden. De contributie bedroeg in 1959 ƒ 100,– en voor een echtpaar ƒ 150,–, exclusief de bijdrage aan de nationale golforganisatie. Junioren betaalden een tientje. De betaling diende contant tijdens de ledenvergadering te geschieden. Vanaf 1966 komt de ommekeer: dan wordt een stuk land bijgehuurd (bij het “Berkenlaantje”), waarop drie holes aangelegd werden, in de huidige routing (sinds juni 2024) liggen hier alleen de holes 7 en 8 nog.
Groei ledental
Deze uitbreiding kon alleen gerealiseerd worden door een forse financiële injectie van de leden: de contributie werd in 1967 verdubbeld, van ƒ 100,– naar ƒ 200,–. Om meer leden te krijgen werd zelfs een heuse circulaire opgesteld en onder vrienden en bekenden verspreid. Aangegeven werd dat ‘daarmee het besloten karakter van de club beëindigd werd’. Mede door die actie kwam het ledenaantal in de lift; in 1968 is er sprake van 50 spelende en 10 theeleden en in 1969 waren er 78 leden, in 1970, 1978 en 1980 bedroeg het ledental resp. 87, 133 en 157.
In 1966 is er ook weer sprake van een pro (Cees Cramer), die normaliter bij de ‘Twentsche’ les gaf, maar één keer per week met de bus naar de Keppelse kwam. Het onderhoud van de baan werd nog steeds in eigen beheer uitgevoerd, maar er kwamen – voor het eerst – eigen maaimachines. In 1976 wordt gemeld: ‘De club kent geen mensen in loondienst. De greenkeeping wordt verzorgd door de heer J. Eschauzier die – af en toe geassisteerd door de heren Weenink, Smeitink en Sierboom – 60 uur in de maand bezig is op de maaier enz.’ ‘Eigen’ baanpersoneel zou pas in 1979 zijn intrede doen.
Verdere uitbreiding, tot aan achttien holes toe
De noodzaak tot verbetering en uitbreiding van de baan deed zich ook meer en meer gevoelen, daar er steeds meer golfbanen in de omgeving kwamen (de Edese Golfclub dateert van 1978, Winterswijk is van 1986 en de Lochemse uit 1987). Na een hele hoop gedoe kon in 1985 door de verwerving van extra gronden in de buurt van de huidige greenkeepersloods een verdere uitbreiding gerealiseerd worden, waardoor het oude gedeelte (bij het voormalige clubhuis) en de drie holes bij het ‘Berkenlaantje’ beter op elkaar werden aangesloten. In 1991/2 werd de baan nog verder verbeterd door de verlenging van hole 17 (waardoor die par 4 meer dan 400 m lang werd) en de aanleg van nieuwe greens (van de holes 13, 16 en 17). Door die laatste aanpassing kreeg de baan de lengte en de uitstraling zoals we die tot de meeste recente uitbreiding kenden: een volwaardige 9 holesbaan met A-status.
De verzorging van de baan werd steeds verder geprofessionaliseerd, het ledental ging in die jaren steeds verder omhoog, mede doordat de club zijn besloten karakter liet varen, ten gevolge van de steeds verder toenemende belangstelling voor de golfsport. Het aantal leden verdubbelde tussen 1980 en 1995: het ging van 157 naar 313. Tijdens het lustrum van 2001 (het 75-jarig bestaan) telde de club 356 leden, een aantal dat voor een 9 holesbaan gebruikelijk was. Nu (2021) ligt dat aantal op omstreeks 620, en enige tientallen jeugdleden.
De groei is mede te danken aan een ontwikkeling die kort na het 75-jarig bestaan in 2001 begon: de plannen om naar 18 holes te gaan. Begunstigd door het feit dat een boer zijn bedrijf beëindigde én de goede contacten met de grondeigenaar werden plannen voor de uitbreiding ontwikkeld. De uitwerking had de nodige voeten in aarde, en liep niet altijd van een leien dakje. De leden konden zich meerdere malen uitspreken over de plannen – met als bijzonder feit dat de stemmen de eerste keer staakten – , maar in de laatste beslissende vergadering ging twee derde van de leden akkoord. Door bezwaren van enkele omwonenden duurde het tot de zomer van 2009 voordat de definitieve goedkeuring afkwam. Pas toen kon het ontwerp van de Belgische golfbaanarchitect Bruno Steensels daadwerkelijk aangelegd worden. Tijdens de viering van het dertiende lustrum in 2011 is de uitbreiding naar 18 holes feestelijk in gebruik genomen. Vermelding verdient dat de club de aanleg van deze uitbreiding met 9 holes geheel uit eigen middelen heeft betaald.
De uitbreiding van de baan en de toename van het aantal leden zorgden in die jaren voor een verdere professionalisering. In het bestuurlijke vlak door een duidelijker scheiding aan te brengen tussen de vereniging en de Stichting Golfsport Keppel, die het onroerend goed van de club bezit en de greenkeepers in dienst heeft. Op administratief niveau door de instelling van een secretariaat met een betaalde medewerkster. Het aantal greenkeepers werd uitgebreid en er kwam een tweede professional.

Een nieuw clubhuis en een nieuwe routing
Vanaf het begin van de hele uitbreidingsexercitie was duidelijk dat er een ander clubhuis zou moeten komen. Niet alleen lag het oude clubhuis nogal excentrisch ten opzichte van de baan, het gebouwtje had ook zijn beste tijd gehad. In het bestemmingsplan voor de uitbreiding was echter al de plaats voor het nieuwe clubhuis vastgelegd: op de plaats waar de boerderij van de voormalige pachter stond. Na een verbouwing kon het nieuwe clubhuis in maart 2016, het jaar waarin de club 90 jaar bestond, in gebruik genomen worden. Om die verbouwing te financieren – de begroting bedroeg ca. € 750.000 – werd een obligatielening onder de leden uitgeschreven, die bijna het benodigde bedrag opbracht. Dat laat de betrokkenheid van de leden bij hun club mooi zien. Een grote verandering was wel dat er nu een professionele cateraar de horecavoorziening ging regelen, zodat de bardienst door de leden zelf tot het verleden ging behoren. Zoals ook bij andere golfclubs bleek het behoud van een goede catering geen eenvoudige opgave.
Het clubhuis op die nieuwe plek bracht ook met zich mee dat de volgorde waarin de holes gespeeld werden veranderd moest worden, vooral ook met het oog op het feit dat er steeds vaker 9 holesrondes gespeeld werden. Het bleek lastig om een routing te vinden die aan alle verschillende wensen tegemoet kwam, met een heuse bestuurscrisis tot gevolg. Sinds het voorjaar van 2017 is er een routing in gebruik die in de praktijk goed voldoet. Daar hoort ook bij dat de club sinds de zomer van 2017 beschikt over een tassenloods, een up-to-date drivingrange en goede faciliteiten voor de beide golfpro’s.
Na 95 jaar is ‘het kleintje onder de Nederlandse golffamilie’ zoals de voorzitter van de Nederlandse Golf Federatie de Keppelse in 1976 betitelde, echt volwassen geworden. Op naar het eeuwfeest in 2026!
Frank Keverling Buisman
17 juni 2021

drivingrange met lesruimte
Archief Erfgoedcentrum Achterhoek Liemers
Inzicht in de gebruikte bronnen
In de ‘Verantwoording’ die op p.253 van het jubileumboek ‘Keppelse Golfclub 100 jaar’ is opgenomen wordt in hoofdlijnen aangegeven, uit welke bronnen de informatie, waarop de teksten in de verschillende hoofdstukken zijn gebaseerd, afkomstig is. Daar is ook uiteengezet dat de redactie er voor gekozen heeft geen noten met verwijzingen naar de vindplaatsen op te nemen. Toch komt het de redactie gewenst voor de geïnteresseerde lezer handvaten aan te reiken om kennis te nemen van de bouwstenen die aan de voorliggende teksten ten grondslag liggen. In het navolgende overzicht worden de gebruikte bronnen in een min of meer gestructureerde vorm opgesomd.
Dat overzicht begint met de belangrijkste gedrukte publicaties met betrekking de Nederlandse golfgeschiedenis (voor zover voor de Keppelse van belang) en vervolgt dan met de gepubliceerde bronnen over de historie van de Keppelse Golfclub en haar voorganger, de Golfclub Enghuizen. Inhoudelijk belangrijk daarbij was het lustrumboek dat ter gelegenheid van het 75 jarig bestaan van de club in 2001 is uitgekomen. Veel van de informatie in dit boek uit die vroegere jaren is mede gebaseerd op dat boek. Van wezenlijk belang is ook de informatie, die sinds 1985 in de 41 jaargangen van het clubblad ‘Bij Hoog en Laag’ is opgenomen. Sommige hoofdstukken zijn vrijwel volledig daarop gebaseerd, zoals het hoofdstuk ‘Op weg naar volwassenheid’ dat de ontwikkelingen van de vereniging vanaf 2001 tot 2026 beschrijft. Vooral de impressies van de ledenvergaderingen en de informatiebijeenkomsten, waarvan telkens in het clubblad verslag werd gedaan, zijn daarbij belangrijk geweest. Er is vanaf gezien – op een enkele uitzondering na – telkens te verwijzen naar de jaargang en het nummer van het clubblad, waaruit die informatie afkomstig is. Vaak is uit de context al duidelijk uit welke jaargang de bewuste kennis komt. Ook andere hoofdstukken zijn in meer of mindere mate schatplichtig aan het clubblad. Een van de uitzonderingen daarop is het amusante beeld dat van de clubwedstrijden geschetst wordt in het overzicht dat Titia van den Akker heeft samengesteld op basis van de informatie uit de clubbladen. Daarnaar wordt afzonderlijk via een QR code verwezen.
Daarnaast kon er veel beter dan voorheen gebruik gemaakt worden van artikelen en bijdragen in oudere jaargangen van tijdschriften als het maandblad ‘Golf’ e.d., waarin de club aan de orde komt. Via de websites Delpher.nl en Golfgeschiedenis.nl zijn die nu veel makkelijker bereikbaar. Daar is dankbaar gebruik van gemaakt, zoals te zien is aan een artikel over de golfclub Enghuizen uit 1938, waarnaar in dit boek regelmatig wordt verwezen. Ook de artikelen over de Keppelse Golfclub, die in de latere jaargangen zijn verschenen, zijn in dit overzicht opgenomen, als mede wat berichtgeving over opmerkelijke leden van de club en hun prestaties.
Naast al deze gepubliceerde bronnen is er vanzelfsprekend ook gebruik gemaakt van archivalia, zowel van de Keppelse Golfclub (KGC) zelf als van aanverwante organisaties en personen. Het archief van de KGC en van de Stichting Golfsport Keppel tot ongeveer het jaar 2000/2010 is ondergebracht bij het Erfgoedcentrum Achterhoek en Liemers (ECAL) in Doetinchem. Daarvan bestaat een gedegen inventaris, waarin de onderzoeker met enige kennis van zaken heel prima de nodige stukken van zijn gading kan vinden. Naast de algemene stukken (notulen, jaarverslagen, correspondentie) is daarvan voor dit boek behoorlijk gebruik gemaakt, voor uiteenlopende hoofdstukken zoals de ontwikkeling van de baan, het clubleven (en dan met name de lustrumvieringen), en de activiteiten van de verschillende commissies. Ons eigen verenigingsarchief is in de afgelopen jaren flink aangevuld, omdat uit onverwachte hoek toch nog veel ouder materiaal tevoorschijn is gekomen (o.a. notulen en jaarverslagen uit de jaren vijftig en zestig.
Voor de meer recentere jaren moest een beroep gedaan worden op het ‘moderne’ archief van de vereniging en van de Stichting, globaal de laatste 25 jaar betreffend. Dat was niet altijd makkelijk omdat de ordening nog niet naar behoren geregeld was, maar met behulp van voormalig secretaris Ans Elderman (en anderen) kon toch nog het nodige boven water gehaald worden. Van een 18-tal dossiers uit dat meer recente gedeelte is door haar een inhoudelijke beschrijving gemaakt. Die dossiers bevatten in hoofdzaak materiaal uit de jaren 1990-2021. Ze zijn raadpleegbaar met toestemming van de secretaris van de club. Daaronder bevindt zich ook het archief van de Stichting Golfsport Keppel (2004-2015) dat voornamelijk van de belang is geweest als bron voor de gang van zaken rondom de uitbereiding naar 18 holes, zoals uit hoofdstuk 7 afgeleid kan worden.
Gepubliceerde bronnen
Algemeen
- Robin Bargman en Arnout Janmaat, De Nederlandse Golfgeschiedenis in Woord en Beeld
Woudrichem 2023). Voor de Keppelse Golfclub en aan haar gelieerde personen zie men p.240, 241, 296, 297, 323, 357, 358)
- Albert Bloemendaal, De beginjaren van de golfsport in Nederland (z.pl. 2014). Voor de Keppelse p. 49-54.
- De Corinthian, Geïllustreerd Weekblad voor de amateursport, opgevolgd door de Revue der Sporten, 1924-1937. Beide tijdschriften vormde het orgaan van de Nederlandse golfclubs.
- Maandblad Golf, 1937-1987, opgevolgd door het Golfjournaal, 1988-2015
Bijzonder
- 75 jaar Keppelse Golfclub, 1926-2001, onder redactie van Frank Keverling Buisman, Duco van Krugten, Arnold Verstegen, Inge Volker (Doetinchem 2001); ook digitaal beschikbaar via de website golfgeschiedenis.nl.
- Bij Hoog en Laag (verder BH&L), clubblad van de Keppelse golfclub, vanaf 1985 tot heden
– Lustrumnummer van ‘Bij Hoog en Laag’, clubblad van de Keppelse Golfclub, 2e jaargang no.3, 1986.
– J. Horsting en J. Werdmölder, Jubileumuitgave “Bij Hoog en Laag”, ter gelegenheid van het 70 jarig bestaan, 1926-1996 (z.pl., 1996)
– Frank Keverling Buisman, “Zeven aristocraten aan de wieg van Golfclub Enghuizen”, in: Jaarboek Achterhoek en Liemers deel 48 De mens en het water (Doetinchem 2024), 130-147
– Ledenlijst 1926, in: De Corinthian, jrg.3 (1926), no.26 , p.424.
– Arnout Janmaat, ‘De eerste vrouwelijke voorzitter in Nederland’, in BH&L, jrg.33 (2017), 20-21
– Frank Keverling Buisman, ‘Reinhard Jan Christiaan baron van Pallandt, edelman en sportbestuurder’, in: Gelders Biografisch Woordenboek 6 (Hilversum 2009), 96-98
– Frank Keverling Buisman en Hans Siemes, ‘De eerste golfpro: Edward John Hill, in: BH&L, jrg.35 (2019),
– Frank Keverling Buisman, Meerdere korte bijdragen over de golfclub onder de titels ‘Uit de oude doos’ en ‘Enghuizen revisited’ in: BH&L, febr. 2005, aug. 2006, maart 2007, juni 2007, sept. 2007, sept. 2012, dec. 2012, juni 2013, en 2014, plus nog enkele losse mededelingen, maart 2016 en febr. 2017.
– ‘Een bezoek aan de Golfclub Enghuizen’ in: Maandblad Golf, jrg.2 no.1 (maart 1938), p.10-12
– ‘Nieuw leven van onze golfclubs’, in: Revue der Sporten, jrg.26, (1932/33), no.42, p.343 en 679 (over de G.C. Enghuizen)
– ‘De Golfclub Enghuizen’ (0nze golfbanen VIII), in : Maandblad Golf, jrg.15, no.3 (maart 1951), 79-81
- ‘Keppelse Golfclub – een oase van rust’, in: ‘Golf, officieel orgaan van het Nederlandsch Golfcomité’, jrg.33, no.6 (juni 1969), p.204-210
- ‘Eenvoud de kracht van de Keppelse Golfclub’, in: Maandblad Golf, jrg.40, no.10 (okt. 1976), p.12-13
- ‘Keppelse nu een volwaardige baan’, in: Maandblad Golf, jrg.49, no.5 (mei 1985), p.8-9 en 14
- ‘De Keppelse, nog even ongedwongen als altijd’, in: Golfjournaal, jrg.14, no.3 (april/mei 2001), p.12-14
- ‘Çlubportret: Keppelse Golfclub 85 jaar, een nieuwe baan cadeau’, in: Golfjournaal, jrg.23, no.4 (mei 2010) , p.36-41
- ‘J.C. Coops (G.C.Enghuizen) wint den GOLF Beker’, In: Maandblad Golf, jrg.6, no.4 (juni 1942), p.50
- ‘GOLF Beker voor George Timan’, in: Maandblad Golf, jrg.41, no.8 (aug. 1977), p.22
- ‘De winnaar van den GOLF Beker 1977’, in: Maandblad Golf, jrg.41, no.9 (sept.1977) , p.34
- Carla Schmitz, In gesprek met mr. A.E. Eschauzier-Schiff. ‘Spelen van damestees leidt tot gezapigheid’, in: Maandblad Golf, jrg.44 (jan.1980), p.6-10
- Gerlof Leistra, ‘Annelies Eschauzier, 1929-2025. Topgolfster was voorbeeld en haar tijd ver vooruit’, in: EW Magazine, jrg.81, no.16 (april 2025), p.94
- Chris Veldkamp, ‘In memoriam Jan Eschauzier’, in: Golfjournaal, jrg.18, no.8 (okt.2005), p.2
- Wim Breukink, ‘In memoriam Jan Eschauzier’, in: BH&L, jrg. 21 (sept.2005), p.2
- C.J.J.A.Morsch e.a. (red.), Rosendaelsche Golfclub 1895-1995, (Arnhem 1995)
- Van Heide naar Holes. 125 jaar Rosendaelsche Golfclub 1895-2020 (Arnhem 2021), onder redactie van Johan Carel Bierens de Haan e.a.
- W.J.P. Coops, Groot Zande. Het huis, zijn bewoners en entourage (Zutphen, 2011), vooral p. 47-48 en 83-107.
Ongepubliceerde bronnen
Het archief van de Keppelse Golfclub (oudere gedeelte) (inventaris: D. van Krugten en W.J.P. Coops, Inventaris van het archief van de Keppelse Golfclub, 1926-1999, en van het archief van de Stichting Golfsport Keppel, 1983-1999, plus supplement op beide archieven, 2000-2010 (typoscript, 2013).
- Notulen van de Algemene Ledenvergadering, 1953-1998 (inv. no.1)
- Algemene correspondentie, 1949-1999 (inv. no.3-6)
- Mededelingen blad, 1955-1987 (inv. no.9)
- Clubblad Bij Hoog en Laag, 1985-1999 en 2000-2010 (resp. inv. no.10 en 153b)
- Jaarverslagen, 1953-1995, (inv. no.11)
- Jaarboeken, 1988-1997, 2000-2010) (resp. inv. no. 12 en 154)
- Statuten en Huishoudelijke Reglementen, 1926-1994, 2000 (inv. no. 13-26 en 155)
- Ledenlijsten, c.a., 1953-1999 (inv. no. 27-34)
- Stukken betreffende het terrein, 1951-1998 (inv. no. 43-62 en 139-151)
- Stukken betreffende de clubhuizen, 1950-1987 (inv. no. 66-71)
- Stukken betreffende verschillende lustra, 1976-1996 en 2001 (resp. inv.no. 99-103 en 175-182)
- Contacten met de NGF, 1927-1996 (inv.no. 104-114)
- Krantenknipsels c.a. , 1996, 2001-2004 (inv.no.63 en 189)=
Het archief van de Keppelse Golfclub (modern gedeelte), in dossiers onder beheer van de secretaris.
- Notulen van de Algemene Ledenvergaderingen, 1999-2016
- Jaarverslagen, 1998-2011
- Scenario’s toekomst, 1997
- Stichting Golfsport Keppel, 2004-2015
- Lustrumvieringen, 2011, 2016, 2021
Het persoonlijk archief van dr. J.H. van Heek, als bestuurslid van de Golfclub Enghuizen, 1926-1931. Is onderdeel van het archief van de Stichting Huis Bergh (’s Heerenberg), inv.no. 105 en 92/14. De beschrijving van de stukken in dit bestanddeel is opgenomen in de inventaris van het oud-archief van de KGC onder no.126. Ook digitaal beschikbaar via de website golfgeschiedenis.nl.
Het archief van de familie Breukink/ Tenkink (opgenomen in het Erfgoedcentrum Achterhoek en Liemers, Doetinchem). Bevat o.m. enkele foto’s van spelers van de golfclub Enghuizen, ca. 1927.
Archief van de Familie van Rouwenoort (Gelders Archief Arnhem), archiefnr. 804) en het archief van het huis De Ulenpas (idem, archiefnr. 536).
Dagboekjes Jan Chris Coops, 1926-1928 (in particulier bezit)
Interviews met Gerlinde Boks, Aad Dijkxhoorn, Ruud Enter, Barbera Enter-Nauta, Elsje van Hoorn, Rita Keverling Buisman, Christiaan Makkinga, Cees van Leeuwen, Jan de Lijster.
Websites
www.keppelse.nl
www.golfgeschiedenis.nl
www.geldersarchief.nl
www.youtube.nl
www.ecal.nu
www.delpher.nl
www.wikipedia.org
Illustratieverantwoording
- Wolter Coops, 33
- The Corinthian/Revue der Sporten, 24, 170
- Erfgoedcentrum Achterhoek en Liemers (ECAL), 21, 26, 120 (boven), 210 (boven), 212
- Gelders Archief, 206/7, 210 (beneden)
- Maandblad Golf, 28, 29, 85 (boven), 154, 171, 178, 179, 180, 245 (onder)
- Google Earth, 166/167
- Graafschapsbode, 25 (boven), 245 (boven)
- De Heeren van de Brassserie, 104
- Keppelrun organisatie, 77
- Nederlandse Golf Federatie, 7
- Ineke Nusselder/Eric van Slingerland, 76
- Fam. Van Rechteren Limpurg, 84
- Rijksbureau voor Kunsthistorische Documentatie (RKD), 23
- Rijksdienst Cultureel Erfgoed, 208, 211
- Royal Air Force, 176 (boven)
- Henk Riswick, binnenzijde voorblad, 110/111, 223
- Ingrid Sweers, cover, 10/11, 13, 112
- Topotijdreis, 168
